Inleiding
WAT ZULT U LEREN?
Stel, u laat een gezond persoon
en iemand met astma oplopende concentraties inademen van
een stof die luchtwegvernauwing kan veroorzaken (agonist).
U beoordeelt de vernauwing aan de toename in luchtwegweerstand
of de afname van het volume dat in één seconde
kan worden uitgeademd. Bij iemand met astma treedt de eerste
reactie op bij een lagere concentratie, en is de luchtwegobstructie
ook sterker dan bij de gezonde. U concludeert daarom dat
de luchtweg 'hyper-reactief'
is. Omdat luchtwegvernauwing snel tot stand komt door gladde
spiercontractie vermoedt u dat er 'bronchospasme' is opgetreden,
en dat het verschil tussen de gezonde en astmaticus wordt
bepaald door de reactie van gladdde spieren. Maar dan ligt
het voor de hand om zulke patiënten, bij wie in korte
tijd ernstige luchtwegobstructie kan optreden, voortaan
te beschermen met 'bronchospasmolytica'. Zo
leidt de ene veronderstelling tot de andere.
Als
u het programma hebt doorgewerkt zal het u duidelijk zijn,
dat de reactie bij astma in belangrijke mate het gevolg is
van een ontstekingsproces in de luchtwegwand, die daardoor
sterker op allerlei prikkels reageert dan bij een gezonde.
Toedienen van alléén spierrelaxantia is daarom
meestal onvoldoende om de luchtwegvernauwing en de symptomen
van astma te beteugelen. U moet in de eerste plaats de ontsteking
voorkómen en behandelen met anti-inflammatoire farmaca,
zoals glucocorticosteroïden. Ontstekingsremmers zijn
in staat de mate van luchtwegobstructie te verminderen, de
bronchiaalboom ongevoeliger te maken voor agonisten, en de
behoefte aan bronchusverwijders te verminderen.
Aan
het eind van het programma zult u begrijpen dat de twee bijgaande
plaatjes heel kort de pathofysiologische basis van versterkte
bronchiale reactiviteit samenvatten en de basis verschaffen
voor preventie en behandeling. 'Bronchospasme' en 'bronchospasmolyse'
zullen geen plaats meer in uw vocabulaire hebben. De pathofysiologische
principes die aan bronchiale reactiviteit ten grondslag liggen
zijn ook toepasbaar op andere biologische buissystemen, zoals
bijv. de (long)circulatie.
Nu gaan we aan het werk.