Bouw en functie luchtwegen
LUCHTWEGMODEL
Hoe beïnvloeden veranderingen in luchtwegdimensies de luchtwegweerstand? Beschouw intrathoracale luchtwegen schematisch als structuren opgebouwd uit de volgende elementen:
- Kraakbeen
- Gladde spieren
- Mucosa, submucosa
- Alveolaire aanhechtingen
Fysiologisch model
Om het mechanische gedrag van de luchtweg te begrijpen helpt het de onderdelen in een model te verwerken. De luchtweg is dan een circulaire structuur met inwendige en buitendiameter. De wanddikte kan toenemen door ontstekingsprocessen: celinfiltratie, hypertrofie, hyperplasie, vaatverwijding centripetaal van de spierrok, oedeem, en secreetophoping op het luchtwegoppervlak. De toegenomen wanddikte verkleint het lumen en vergroot de luchtwegweerstand.
Als
de adventitia buiten de spierrok gezwollen raakt neemt de buitendiameter
toe, doch niet ten koste van het lumen. Alveolaire aanhechtingen
stabiliseren de luchtweg, omdat zij deze elastisch opspannen. Contraherende
spieren worden dus belast met de elastische veerdruk van omgevend
weefsel. Omgevende structuren zijn daarom te vergelijken met veren
met een bevestigingspunt op de buitenste luchtwegwand.