Geen isometrische longgroei?
![]() ![]() |
Lengte en ademvolume
Wederom een pasgeborene, bij
wie de rustademhaling in slaap wordt gemeten. De ademhaling
is onregelmatig, het ademteugvolume nogal wisselend, gemiddeld
iets minder dan 20 mL bij een neonaat van 50 cm. Vergelijk
dit met een ademteugvolume van ongeveer 600-700 mL bij een
volwassene van 185 cm. De volwassene is 3,7 maal zo lang.
Zou het ademvolume een functie zijn van de derde macht van
de lengte, dan is een ademteugvolume bij de volwassene te
verwachten van 20·3,7·3,7·3,7 = ±1000
mL; in werkelijkheid is het veel minder.
Pasgeborene versus volwassene
Een jonge volwassen man van 185 cm lengte heeft een FRC van circa 2500
mL. Als de dimensies van longen en luchtwegen vanaf geboorte tot volwassenheid
evenredig met de lengte toenemen (dus met een factor 3,7), dan zou de
FRC 50,65 (derde macht van 3,7) maal zo groot moeten zijn geworden en
80·50,65 = ± 4050 mL moeten bedragen, bijna 1½ keer
zo veel als in werkelijkheid wordt gevonden. Ook het gewicht (±
3 kg bij de geboorte, ± 80 kg bij de 25-jarige man) neemt niet
50-voudig toe.
Conclusie
Er is geen simpele isometrische relatie tussen de lichaamslengte en de door ons onderzochte volumes.
Dit is bij nader inzien ook wel te
begrijpen, zoals we nu zullen zien.

