Word een
Expert in Spirometrie

Beoordeling bronchusverwijdend effect

Bij de beoordeling van het bronchusverwijdend effect wordt op twee uitkomsten gelet: de toename in het FEV1, en de maximaal gehaalde waarde van het FEV1.

Toename in FEV1

Bij volwassenen wordt een toename van > 12 % van de uitgangswaarde van het FEV1 als bronchusverwijding van betekenis beschouwd. Een toename van 9%-12% van de uitgangswaarde FEV1 en van > 200 mL wordt als een lichte bronchusverwijding aangemerkt. Bij kinderen wordt alleen uitgegaan van de verbetering in % van de voorspelde waarde. Bedenk bij de beoordeling dat het bronchusverwijdend effect afhankelijk is van

Maximaal bereikte waarde van het FEV1

Los van de toename in FEV1 is het van belang de maximaal gehaalde waarde te beoordelen. Bijvoorbeeld: is er ondanks een flinke toename in FEV1 nog sprake van een residuele luchtwegobstructie? Of is de luchtwegobstructie ondanks een geringe toename in FEV1 toch al volledig opgeheven? De maximaal gehaalde waarde van het FEV1 is minder afhankelijk van wisselende uitgangswaarde, prikkelingstoestand van het glad spierweefsel, of tevoren gebruikte bronchusverwijders. Deze waarde is van groot belang ter beoordeling van een eventuele indicatie voor therapie met orale of inhalatiesteroïden ter bepaling van de werkelijk maximale waarde van het FEV1.

Zie ook Bronchusverwijdende respons
  Behandel de patiënt, niet de getallen
  Bronchusverwijdende respons: kinderen, adolescenten en volwassenen
  Bronchusverwijdende respons: klinische populatie
  Corticosteroïden (en lijst referentie)
Top pagina | | | ©Philip H. Quanjer