Word een
Expert in Spirometrie

Etnische groep

Etnische groepen worden ingedeeld op grond van verschillen in huidskleur, lichamelijke kenmerken en geografische spreiding. In Europa hebben we vooral te maken met caucasiërs, negroïden, mongoloïden, polynesiërs en mensen afkomstig van het India’se subcontinent. Er bestaan rasgebonden verschillen in longfunctie-indices. Die hebben o.m. te maken met verschillen in lichaamsbouw. De thorax bevat de long, dus ligt het voor de hand dat de dimensies van de thorax of van de thoracale wervelkolom, een goede voorspelling van de longinhoud toelaten. In werkelijkheid gebruiken we de totale lichaamslengte, dus inclusief schedel, hals, thoracale en lumbale wervelkolom en benen, als voorspeller. Negroïden hebben in het algemeen voor dezelfde lengte een kortere romp dan caucasiërs (ref. 3) , mongoloïden juist een langere romp, zodat voorspellingen op basis van lichaamslengte voor caucasiërs niet zonder meer geldig zijn voor andere etnische groepen. Overigens, ook tussen negroïden bestaan belangrijke verschillen in lichaamsbouw, zodat een vaste correctiefactor voor een etnische groep discutabel is (ref. 1). Tussen het zwarte en blanke ras bestaan verschillen in de verhouding tussen zithoogte en totale lichaamslengte (ref. 3). Zulke verschillen bestaan er ook t.o.v. Japanners en Ethiopiërs (ref. 4).

Er zijn geen aanwijzingen dat in Europa bij caucasiërs verschillen in longfunctie bestaan. Bij mensen van gemengde etnische afkomst bevindt de longfunctie zich ongeveer halverwege tussen die van de etnische groep van de ouders (ref. 5).

Er bestaan ook verschillen in longfunctie tussen het noordelijk een zuidelijk deel van het India’se subcontinent. Deze worden o.m. aan verschillen in voeding toegeschreven. Een eiwitrijker dieet leidt tot langere mensen, en er zijn aanwijzingen dat tevens verschillen t.o.v. caucasiërs kleiner worden. Ook door genetische menging tussen etnische groepen worden verschillen verkleind. Verschillen tussen etnische groepen vallen geheel of grotendeels weg in FEV1%FVC.

Het omgaan met voorspellingen van de longfunctie bij niet-caucasiërs is een grijs gebied. Een goed overzicht is te vinden in het boek van Cotes. De neerslag hiervan is te vinden in de hier gebruikte aanbevelingen.

Zie ook: Referentiewaarden voor kinderen en adolescenten
  SpirXpert software

Ref. 1 - Vaste correctiefactor voor etnische groep
Onderstaande studies geven aan dat het gebruik van een vaste correctiefactor voor een etnische groep wetenschappelijke basis mist.
1 Schoenberg JB, Beck GJ, Bouhuys A. Growth and decay of pulmonary function in healthy blacks and whites. Respir Physiol 1978; 33: 367-393.
2 Corey PN, Ashley MJ, Chan-Yeung M. Racial differences in lung function: search for proportional relationships. J Occup Med 1979; 21: 395-398.
3 White NW, Hanley JH, Lalloo UG, Becklake MR. Review and analysis of variation between spirometric values reported in 29 studies of healthy African adults. Am J Respir Crit Care Med 1994; 150: 348-355.
 
Ref. 2 - Overzicht van etnische verschillen
  Cotes JE. Lung Function. Assessment and application in medicine. Ed. 5, Blackwell Scientific Publications, Oxford, 1993
 
Ref. 3 - Beenlengte en zithoogte
Negroïde mensen hebben in het algemeen langere benen voor de romphoogte:
1 Verghese KP, Scott RB, Teixeirea G, Ferguson AD. Studies in growth and development. XII. Physical growth of northern American Negro children. Paediatrics 1966; 44: 243-247.
2 Van de Wal BW, Erasmus LD, Hechter R. Stem and standing heights in Bantu and white South Africans: their significance in relation to pulmonary function values. S Afr J Lab Clin Med 1971; 45 (suppl.): 568-570.
3 Rossiter CE, Weill H. Ethnic differences in lung function: evidence for proportional difference. Intern J Epidem 1974; 3: 55-61.
Stahoogte leidt tot iets hogere verklaarde variantie in voorspellingen dan zithoogte:
1 Damon A. Negro-white differences in pulmonary function. Vital capacity, timed vital capacity and expiratory flow rates. Human Biol 1966; 38: 380-393.
2 Van de Wal: see above.
Zithoogte kan niet even nauwkeurig gemeten worden als de lengte, zodat deze index in de praktijk niet nuttig is voor gebruik in voorspellingsformules:
  Tanner JM. Growth at adolescence. Ed. 2. Blackwell, Oxford, 1978.
 
Ref. 4 - Verschillen in lichaamsbouw
1 Bibi H, Goldsmith JR, Vardi H. Racial or ethnic variation in spirometric lung function norms. Recommendations based on study of Ethiopian Jews. Chest 1988; 93: 1026-1030.
2 Massey DG, Fournier-Massey G. Japanese-Americans pulmonary reference values: influence of environment on anthropology and physiology. Env Res 1986; 39: 418-433.
 
Ref. 5 - Genetische en etnische factoren
  Reed TE. Caucasian genes in American Negroes. Science 1969: 165: 762-768.
   
Top pagina | | | ©Philip H. Quanjer